Pech met het voertuig is een onverwachte en potentieel gevaarlijke situatie. Deze les uit Unit 9, 'Wettelijke verantwoordelijkheden & Incidentprocedures', richt zich op de kritieke veiligheidsprotocollen en uw wettelijke plichten direct na een pechgeval langs de weg op Nederlandse wegen.

Een onverwachte voertuigpech is meer dan alleen ongemak; het is een onvoorziene en gevaarlijke situatie die onmiddellijke, correcte actie vereist. Voor bestuurders van voertuigen van categorie AM, zoals snorfietsen en scooters, is het begrijpen van de specifieke plichten na een pech langs de weg cruciaal voor uw veiligheid en die van andere weggebruikers. Deze uitgebreide les beschrijft de essentiële stappen die u moet nemen om pech veilig en legaal op Nederlandse wegen te beheren.
Wanneer uw snorfiets of scooter onverwacht stilvalt of buiten gebruik raakt op een openbare weg, transformeert deze van een mobiel voertuig in een stilstaande belemmering. Dit stilstaande gevaar kan aanzienlijke risico's creëren, met name voor naderend verkeer dat mogelijk geen stilstaand voertuig verwacht. Andere bestuurders hebben mogelijk onvoldoende tijd om te reageren, wat kan leiden tot aanrijdingen van achteren of uitwijkmanoeuvres die anderen in gevaar brengen.
Een correcte afhandeling van pech vereist een snelle verschuiving van uw mentaliteit van weggebruiker in beweging naar het beheren van een vast obstakel. Het primaire doel is om uw voertuig zichtbaar te maken, de rijstrook indien mogelijk vrij te maken en uzelf te beschermen tegen secundaire incidenten, zoals aangereden worden door passerende voertuigen.
Het niet naleven van de juiste pechprocedures verhoogt niet alleen het risico op ongevallen, maar kan ook leiden tot boetes en wettelijke aansprakelijkheid onder de Nederlandse verkeerswetgeving.
De plichten van een bestuurder die pech heeft, zijn duidelijk uiteengezet in de Nederlandse wetgeving, met name in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) en de Wegverkeerswet. Deze wetten zijn ontworpen om de verkeersveiligheid te waarborgen door bestuurders te verplichten een stilgevallen voertuig zichtbaar te maken, het indien mogelijk van de rijbaan te verwijderen en zichzelf en anderen te beschermen tegen letsel. Naleving van deze voorschriften gaat niet alleen over het vermijden van boetes; het gaat over verantwoordelijk weggedrag en het voorkomen van ernstige ongevallen.
De eerste paar momenten na een pech zijn cruciaal. Uw onmiddellijke acties kunnen het risico op verdere incidenten aanzienlijk verminderen.
Gele knipperende lichten op een voertuig, gelijktijdig geactiveerd, ontworpen om andere weggebruikers te waarschuwen voor een noodsituatie, pech of een ongebruikelijk gevaar.
Zodra u merkt dat uw voertuig pech heeft, moeten uw alarmlichten worden ingeschakeld. Dit is de allereerste stap, ongeacht of u uw voertuig kunt verplaatsen of niet.
Deze knipperende gele lichten dienen als een onmiddellijk visueel signaal voor alle weggebruikers dat uw snorfiets of scooter een stilstaande belemmering aan het worden is of is geworden. Het waarschuwt bestuurders achter u om te anticiperen op verminderde snelheid, en andere gebruikers kunnen zich vroegtijdig voorbereiden om van rijstrook te wisselen om uw voertuig te ontwijken. Het uitstellen van de activering, zelfs voor een paar seconden, vermindert de cruciale waarschuwingstijd voor achteropkomend verkeer.
De meeste moderne snorfietsen en scooters zijn uitgerust met ingebouwde alarmlichten. Echter, als het elektrische systeem van uw voertuig is uitgevallen, waardoor de alarmlichten niet werken, moet u een alternatief gebruiken. Een draagbaar waarschuwingsapparaat, zoals een draagbare knipperende gele lamp, is in dergelijke omstandigheden toegestaan om aan de onmiddellijke signaleringsvereiste te voldoen. Alleen het knipperen van uw normale koplamp wordt niet als voldoende beschouwd.
Nadat u uw alarmlichten heeft geactiveerd, is de volgende prioriteit om uw voertuig uit de hoofdverkeersstroom te halen, indien dit veilig en mogelijk is.
Een speciale rijstrook naast de hoofdrijbaan, meestal op snelwegen of tweerichtingswegen, gereserveerd voor noodstops, pechgevallen en hulpdiensten. Op andere wegen wordt dit ook wel de wegrand genoemd.
Als uw snorfiets of scooter nog enigszins rijvaardig is, of als u deze veilig kunt duwen, bent u wettelijk verplicht deze zo ver mogelijk naar rechts te verplaatsen. Dit betekent dat u op snelwegen de vluchtstrook of noodrijstrook moet aanhouden. Op wegen zonder aangewezen vluchtstrook moet u het voertuig zo dicht mogelijk bij de meest rechtse rand van het wegdek duwen, voor zover praktisch mogelijk. Het doel is om de hoofdrijbaan vrij te maken, het risico op aanrijdingen te minimaliseren en het verkeer soepel te laten doorstromen.
Controleer uw omgeving snel op naderend verkeer voordat u probeert uw voertuig te verplaatsen, om ervoor te zorgen dat uw verplaatsingspoging geen nieuw gevaar creëert.
Er kunnen situaties zijn waarin het verplaatsen van uw voertuig onmogelijk is, bijvoorbeeld door ernstige schade, op een smalle weg zonder vluchtstrook, of als het proberen te verplaatsen u direct gevaar zou opleveren (bijvoorbeeld op een drukke snelweg zonder veilige ontsnappingsroute). In dergelijke gevallen moet uw voertuig blijven staan, volledig parallel aan de wegrand indien u een gedeeltelijke verplaatsing hebt kunnen uitvoeren. De daaropvolgende stappen, met name het plaatsen van de gevarendriehoek, worden dan nog kritischer om de positie van het voertuig te compenseren.
Zodra uw voertuig is gesignaleerd en, indien mogelijk, verplaatst, wordt uw persoonlijke veiligheid de belangrijkste zorg. Veel secundaire ongevallen na pechgevallen betreffen personen die zich in de buurt van hun stilgevallen voertuigen bevinden.
De belangrijkste stap voor uw persoonlijke veiligheid is om de directe omgeving van uw stilgevallen snorfiets of scooter te verlaten en een locatie te zoeken die uw blootstelling aan passerend verkeer minimaliseert.
Op snelwegen of wegen met veiligheidshekken (zoals betonnen muren of vangrails) moet u zich onmiddellijk achter deze hekken begeven. Ze zijn ontworpen om de impact te absorberen en een fysiek schild te bieden tegen passerende voertuigen. Op stedelijke of landelijke wegen zonder hekken, zoek toevlucht op een voetpad, of als er geen voetpad is, ga naar de tegenoverliggende kant van de rijbaan, zo ver mogelijk weg van de verkeersstroom. Vermijd recht achter uw voertuig te staan, omdat dit een "blinde vlek" kan zijn voor naderende bestuurders.
Hoewel niet strikt verplicht volgens de wet voor particulieren in Nederland, wordt het dragen van kleding met hoge zichtbaarheid, zoals een reflecterend vest of jack, sterk aanbevolen wanneer u zich buiten uw voertuig op de weg bevindt, met name bij weinig licht, 's nachts of bij slecht weer (regen, mist). Dit vergroot uw zichtbaarheid voor andere bestuurders aanzienlijk, waardoor zij meer tijd hebben om op uw aanwezigheid te reageren.
De gevarendriehoek is een essentieel veiligheidsmiddel dat een extra visueel signaal biedt voor naderend verkeer, naast uw alarmlichten. De correcte plaatsing ervan is een wettelijke vereiste voor alle motorvoertuigen, inclusief snorfietsen en scooters, wanneer er pech optreedt op de rijbaan.
Een oranje, reflecterend, driehoekig apparaat dat achter een stilgevallen voertuig op de weg moet worden geplaatst om naderend verkeer te waarschuwen.
De Nederlandse wet schrijft het gebruik van een gevarendriehoek voor onder specifieke omstandigheden. Dit apparaat vergroot dramatisch de visuele waarschuwing voor bestuurders die met hoge snelheid naderen, en biedt cruciale extra reactietijd.
Een wettelijk goedgekeurde gevarendriehoek moet oranje zijn, reflecterend, en doorgaans minimale afmetingen van 75 x 75 cm hebben wanneer uitgeklapt. Het is ontworpen om zeer zichtbaar te zijn, vooral wanneer het wordt verlicht door voertuigkoplampen bij weinig licht. U moet altijd een gevarendriehoek bij u dragen wanneer u op uw snorfiets of scooter rijdt.
De afstand waarop u de gevarendriehoek achter uw voertuig plaatst, is afhankelijk van het type weg en de snelheidslimiet. Dit is cruciaal om adequate waarschuwing te bieden aan snel naderend verkeer.
Op wegen met een snelheidslimiet van 80 km/u of minder, moet de gevarendriehoek 50 meter (ongeveer 50-60 grote stappen) achter uw stilgevallen voertuig worden geplaatst. Deze afstand is gebruikelijk voor landelijke wegen, provinciale wegen (N-wegen) en sommige stedelijke hoofdwegen.
Op snelwegen of wegen met een snelheidslimiet hoger dan 80 km/u, moet de gevarendriehoek 100 meter (ongeveer 100-120 grote stappen) achter uw voertuig worden geplaatst. Deze langere afstand is noodzakelijk vanwege de hogere snelheden en langere remwegen van voertuigen op deze wegen.
Er is een uitzondering op deze afstanden: als uw voertuig niet verder dan de uiterste rand van de rijbaan kan worden verplaatst (bijvoorbeeld als het vastzit in een rijstrook op een smalle straat), mag de driehoek op minimaal 30 meter afstand worden geplaatst, mits deze het verkeer niet hindert of zelf een groter gevaar veroorzaakt. Deze kortere afstand is over het algemeen gereserveerd voor stedelijke omgevingen met lagere snelheden en beperkte ruimte.
Het niet correct plaatsen van de gevarendriehoek, of het niet plaatsen ervan wanneer vereist, is een wettelijke overtreding en kan het risico op een secundair ongeval aanzienlijk verhogen.
Nadat uw voertuig is beveiligd en u zich in een veilige positie bevindt, is de volgende stap het inroepen van hulp. Snelle meldingen helpen ervoor te zorgen dat de belemmering snel wordt verwijderd, waardoor de voortdurende risico's voor andere weggebruikers worden verminderd.
Een dienst (bijvoorbeeld aangeboden door de ANWB in Nederland) die directe hulp biedt bij voertuigpech, inclusief kleine reparaties of wegslepen.
Wanneer u hulp inroept, wees dan voorbereid om nauwkeurige en specifieke informatie te verstrekken:
Het naleven van de specifieke plichten uiteengezet in de Nederlandse verkeerswetgeving is geen aanbeveling; het is een wettelijke verplichting. Niet-naleving kan aanzienlijke gevolgen hebben.
De Wegverkeerswet, met name artikel 7, legt een algemene "zorgplicht" op aan alle weggebruikers om redelijk te handelen en anderen niet in gevaar te brengen. Dit brede principe vormt de basis voor de specifieke plichten die zijn uiteengezet in het RVV 1990 (Reglement verkeersregels en verkeerstekens).
Specifiek artikel 41 van het RVV 1990 beschrijft de verplichtingen voor bestuurders wiens voertuigen stilstaande obstakels op de rijbaan worden:
Overtreding van deze artikelen kan leiden tot boetes en, in sommige gevallen, punten op uw rijbewijs. Bovendien, als er een ongeval plaatsvindt als gevolg van uw niet-naleving, kunt u burgerrechtelijk aansprakelijk worden gesteld voor schade.
Veel bestuurders, waaronder snorfiets- en scooterrijders, maken onbewust fouten tijdens pechgevallen die het risico verhogen en tot boetes leiden.
Het algemene pechprotocol moet worden aangepast aan specifieke omgevings- en wegomstandigheden om de veiligheid te maximaliseren.
Bij omstandigheden met verminderd zicht, zoals hevige regen, dichte mist of 's nachts, moeten alle waarschuwingsmaatregelen worden versterkt:
Het afhandelen van pech op Nederlandse wegen vereist een duidelijke, stapsgewijze aanpak gericht op veiligheid en wettelijke naleving. Door deze plichten te volgen, beschermt u uzelf en draagt u bij aan de veiligheid van alle weggebruikers.
Overzicht van de lesinhoud
Bekijk alle onderdelen en lessen in deze rijtheoriecursus.
Ontdek zoekonderwerpen waar leerlingen vaak naar zoeken wanneer ze Plichten na pech onderweg bestuderen. Deze onderwerpen weerspiegelen veelvoorkomende vragen over verkeersregels, verkeerssituaties, veiligheidsrichtlijnen en theoriebereiding op lesniveau voor leerlingen in Nederland.
Bekijk aanvullende rijtheorielessen over verwante verkeersregels, verkeersborden en veelvoorkomende verkeerssituaties. Krijg beter inzicht in hoe verschillende regels samenkomen in alledaagse verkeerssituaties.
Begrijp de cruciale veiligheidsstappen en wettelijke verplichtingen bij pech met een bromfiets of scooter in Nederland. Leer direct de juiste acties, het verplaatsen van het voertuig, persoonlijke veiligheid en het plaatsen van de gevarendriehoek om de verkeersveiligheid te garanderen en boetes te voorkomen.

Deze les biedt een duidelijk actieplan voor als je auto pech krijgt. Je leert om op een veilige locatie te stoppen, bij voorkeur de vluchtstrook op een snelweg, en onmiddellijk je alarmlichten aan te zetten. De cursus legt de wettelijke verplichting uit om een gevarendriehoek op een geschikte afstand achter het voertuig te plaatsen (indien veilig mogelijk) en de sterke aanbeveling om een reflecterend veiligheidsvest te dragen. Cruciaal is dat alle inzittenden het voertuig aan de veilige kant verlaten en achter de vangrail wachten op hulp.

Wanneer een hulpverleningsvoertuig nadert met sirenes en blauwe zwaailichten, bent u wettelijk verplicht om voorrang te verlenen. Deze les legt de juiste procedure uit: controleer uw omgeving, geef uw intentie aan en rijd zo veilig en snel mogelijk naar de zijkant van de weg om een vrij doorgang te creëren. Ook wordt de procedure voor het maken van een noodstop bij pech behandeld, inclusief het gebruik van de alarmlichten en het positioneren van uw voertuig voor maximale veiligheid.

Het bezitten van een rijbewijs en een voertuig brengt voortdurende wettelijke verantwoordelijkheden met zich mee. Deze les herinnert u aan het belang van het vernieuwen van uw rijbewijs voordat het verloopt en ervoor te zorgen dat uw verzekeringspolis van het voertuig actief blijft. Het behandelt ook uw plicht om de relevante autoriteiten (zoals de RDW) op de hoogte te stellen van wijzigingen, zoals een adreswijziging. Het nakomen van deze administratieve verplichtingen is essentieel om een legale en verantwoordelijke weggebruiker in Nederland te blijven.

Deze les behandelt het volledige scala aan verlichting en signalen die op een voertuig vereist zijn voor zichtbaarheid en communicatie. U leert over de verplichte vereisten voor koplampen, achterlichten, remlichten, richtingaanwijzers en reflectoren. Het curriculum benadrukt de wettelijke verantwoordelijkheid van de bestuurder om ervoor te zorgen dat alle lichten voor elke rit schoon en functioneel zijn. Ook het juiste gebruik en de functie van de claxon als auditief waarschuwingssignaal in geval van dreigend gevaar worden uitgelegd.

Deze les beschrijft de specifieke voorschriften voor het rijden op Nederlandse autosnelwegen, herkenbaar aan het G1-bord. Je leert de juiste procedure voor het invoegen in het verkeer via de acceleratiestrook en het verlaten van de snelweg via de uitrijstrook. De cursus herhaalt de 'houd rechts, tenzij inhalen'-regel voor baan discipline. Ook wordt uitgelegd dat stoppen strikt verboden is en dat de vluchtstrook alleen gebruikt mag worden bij daadwerkelijke noodgevallen.

Veilig invoegen en van rijstrook wisselen vereist een systematische aanpak, bekend als 'spiegel-richting-dode hoek'. Deze les legt de correcte procedure uit voor het invoegen op een autosnelweg vanaf een invoegstrook, zodat je de snelheid van het verkeer aanpast en een veilige ruimte vindt. Het behandelt ook de techniek voor het wisselen van rijstrook, waarbij het cruciale belang van het controleren van je dode hoek met een hoofdbeweging (schoudercheck) vóór elke zijwaartse beweging wordt benadrukt om botsingen te voorkomen.

Deze les behandelt de procedures en veiligheidsoverwegingen voor achteruitrijden en keren. U leert dat achteruitrijden alleen over korte afstanden mag en wanneer het andere weggebruikers niet in gevaar brengt of hindert. Het curriculum beschrijft technieken voor het keren op de weg en identificeert situaties en locaties waar U-bochten verboden zijn. Het belang van algehele observatie, het controleren van dode hoeken en voorrang verlenen aan al het andere verkeer is een centraal thema.

Deze les richt zich op de drie meest kritieke veiligheidssystemen van een auto. Je leert de wettelijk verplichte minimale profieldiepte van banden (1,6 mm) en het belang van de juiste bandenspanning voor veiligheid en brandstofefficiëntie. De inhoud behandelt de basisprincipes van het remsysteem, inclusief hoe je remvloeistof controleert en waarschuwingssignalen van versleten remmen herkent. Daarnaast legt de les de functie van het stuursysteem uit en het belang van een soepele en probleemloze werking.

In geval van een ongeval is een kalme en methodische aanpak essentieel. Deze les beschrijft de nodige acties, van veilig stoppen en de situatie inschatten tot het uitwisselen van bestuurders- en verzekeringsgegevens met de andere partij. Er wordt uitgelegd hoe u het Europees Aanrijdingsformulier ('schadeformulier') invult, wat een cruciaal document is voor verzekeringsclaims. U leert ook wanneer u verplicht bent de politie te bellen en het belang van het verzamelen van bewijsmateriaal zoals foto's en contactgegevens van getuigen.

Als gemotoriseerde weggebruiker heeft u een bijzondere verantwoordelijkheid ten opzichte van kwetsbaardere deelnemers. Deze les richt zich op de regels die voorrang verlenen aan voetgangers bij gemarkeerde zebrapaden en het belang van anticiperen op de bewegingen van fietsers, kinderen en ouderen. U leert over het aanhouden van een veilige zijdelingse afstand bij het passeren van fietsers en hoe u met verhoogde alertheid door gedeelde ruimtes navigeert, een cruciaal onderdeel van sociaal en veilig rijgedrag.
Leer de juiste procedures voor het inroepen van pechhulp na autopech in Nederland. Deze gids bevat essentiële informatie die u aan hulpdiensten kunt verstrekken en hoe u het incident veilig kunt afhandelen totdat hulp arriveert.

Deze les biedt een duidelijk actieplan voor als je auto pech krijgt. Je leert om op een veilige locatie te stoppen, bij voorkeur de vluchtstrook op een snelweg, en onmiddellijk je alarmlichten aan te zetten. De cursus legt de wettelijke verplichting uit om een gevarendriehoek op een geschikte afstand achter het voertuig te plaatsen (indien veilig mogelijk) en de sterke aanbeveling om een reflecterend veiligheidsvest te dragen. Cruciaal is dat alle inzittenden het voertuig aan de veilige kant verlaten en achter de vangrail wachten op hulp.

Deze les schetst het juiste protocol na een verkeersongeval. De eerste prioriteit is om de veiligheid van iedereen die betrokken is te waarborgen door de plaats van het ongeval te beveiligen en te controleren op verwondingen. Je leert wanneer het verplicht is om de hulpdiensten (112) te bellen, bijvoorbeeld bij verwondingen of aanzienlijke verkeersbelemmering. Het curriculum behandelt ook de wettelijke verplichting om te stoppen en verzekerings- en contactgegevens uit te wisselen met andere betrokken partijen. Het gebruik van het Europees schadeformulier om de details vast te leggen wordt ook behandeld.

Deze les biedt fundamentele kennis over hulpverlening bij noodgevallen. Hoewel het geen volledige EHBO-cursus is, behandelt het de basisprincipes van het helpen van een gewonde persoon totdat professionele hulp arriveert, zoals het vrijhouden van de luchtwegen. U leert precies welke informatie u moet verstrekken wanneer u 112 belt, inclusief de precieze locatie, het aantal betrokken voertuigen en personen, en de aard van eventuele verwondingen. Dit zorgt ervoor dat de juiste hulpdiensten zo snel mogelijk ter plaatse zijn.

In geval van een ongeval is een kalme en methodische aanpak essentieel. Deze les beschrijft de nodige acties, van veilig stoppen en de situatie inschatten tot het uitwisselen van bestuurders- en verzekeringsgegevens met de andere partij. Er wordt uitgelegd hoe u het Europees Aanrijdingsformulier ('schadeformulier') invult, wat een cruciaal document is voor verzekeringsclaims. U leert ook wanneer u verplicht bent de politie te bellen en het belang van het verzamelen van bewijsmateriaal zoals foto's en contactgegevens van getuigen.

Deze les behandelt de procedures en veiligheidsoverwegingen voor achteruitrijden en keren. U leert dat achteruitrijden alleen over korte afstanden mag en wanneer het andere weggebruikers niet in gevaar brengt of hindert. Het curriculum beschrijft technieken voor het keren op de weg en identificeert situaties en locaties waar U-bochten verboden zijn. Het belang van algehele observatie, het controleren van dode hoeken en voorrang verlenen aan al het andere verkeer is een centraal thema.

Deze les beschrijft de specifieke voorschriften voor het rijden op Nederlandse autosnelwegen, herkenbaar aan het G1-bord. Je leert de juiste procedure voor het invoegen in het verkeer via de acceleratiestrook en het verlaten van de snelweg via de uitrijstrook. De cursus herhaalt de 'houd rechts, tenzij inhalen'-regel voor baan discipline. Ook wordt uitgelegd dat stoppen strikt verboden is en dat de vluchtstrook alleen gebruikt mag worden bij daadwerkelijke noodgevallen.

Deze les behandelt het volledige scala aan verlichting en signalen die op een voertuig vereist zijn voor zichtbaarheid en communicatie. U leert over de verplichte vereisten voor koplampen, achterlichten, remlichten, richtingaanwijzers en reflectoren. Het curriculum benadrukt de wettelijke verantwoordelijkheid van de bestuurder om ervoor te zorgen dat alle lichten voor elke rit schoon en functioneel zijn. Ook het juiste gebruik en de functie van de claxon als auditief waarschuwingssignaal in geval van dreigend gevaar worden uitgelegd.

Deze les richt zich op het gebruik van speciale verlichting voor specifieke situaties. U leert de strikte voorwaarden waaronder mistlampen gebruikt mogen worden: het mistachterlicht is alleen toegestaan als het zicht door mist of sneeuw minder dan 50 meter is, en niet bij regen. De les legt ook het juiste gebruik van alarmlichten uit, die bedoeld zijn om andere bestuurders te waarschuwen voor een stilstaande obstructie (zoals pech of het einde van een plotselinge file) of tijdens het slepen.

Wanneer een hulpverleningsvoertuig nadert met sirenes en blauwe zwaailichten, bent u wettelijk verplicht om voorrang te verlenen. Deze les legt de juiste procedure uit: controleer uw omgeving, geef uw intentie aan en rijd zo veilig en snel mogelijk naar de zijkant van de weg om een vrij doorgang te creëren. Ook wordt de procedure voor het maken van een noodstop bij pech behandeld, inclusief het gebruik van de alarmlichten en het positioneren van uw voertuig voor maximale veiligheid.

Deze les biedt praktische adviezen voor het rijden onder uitdagende weersomstandigheden. U leert over het risico op aquaplaning bij zware regenval en hoe u hierop moet reageren, evenals hoe u de effecten van sterke zijwind kunt beheersen. Het lesmateriaal behandelt winterrijden, waarbij het gevaar van black ice, de voordelen van winterbanden en technieken voor het voorkomen en corrigeren van een slip worden uitgelegd. Een belangrijke focus ligt op het aanpassen van de rijstijl: vergroot de afstand tot uw voorganger, verlaag uw snelheid en maak rustige stuur- en rembewegingen.
Vind duidelijke antwoorden op vragen die leerlingen vaak hebben over Plichten na pech onderweg. Lees hoe de les is opgebouwd, welke theoriedoelen worden behandeld en hoe de les past binnen de algemene leerroute van onderdelen en de voortgang binnen de leerlijn in Nederland. Deze uitleg helpt je kernconcepten te begrijpen, de lessenstructuur te volgen en je examengerichte leerdoelen te behalen.
De allereerste actie is om onmiddellijk uw alarmlichten aan te zetten. Dit waarschuwt andere weggebruikers dat u een probleem heeft. Nadat u uw alarmlichten heeft geactiveerd, moet u uw voertuig zo ver mogelijk naar rechts sturen of op de vluchtstrook parkeren, indien beschikbaar.
U moet van uw scooter afstappen als dit veilig kan, vooral als u zich op een gevaarlijke positie op de weg bevindt (bijv. op rijstroken met rijdend verkeer). Geef prioriteit aan uw persoonlijke veiligheid door u van het voertuig te verwijderen en op een veilige locatie te gaan staan, bij voorkeur achter een vangrail als die aanwezig is. Ga nooit tussen uw voertuig en tegemoetkomend verkeer staan.
Voor lichtere voertuigen zoals bromfietsen en snorfietsen is het meenemen en plaatsen van een waarschuwingsdriehoek over het algemeen geen strikte wettelijke vereiste, zoals dat wel het geval is voor auto's. Het is echter altijd goed om voorbereid te zijn op dergelijke gebeurtenissen en zichtbaar te blijven. De focus bij scooters ligt op onmiddellijke veilige positionering en persoonlijke veiligheid.
Als u een pechhulpverzekering heeft, dient u het noodnummer van uw provider te bellen. Als u geen specifieke dekking heeft, moet u mogelijk een lokale sleepdienst of een vertrouwde monteur bellen. Het is verstandig om deze contactnummers bij de hand te hebben voordat u gaat rijden.
Uw primaire wettelijke verantwoordelijkheid is om uw voertuig zo zichtbaar mogelijk te maken (alarmlichten) en het indien mogelijk naar een veilige locatie te verplaatsen. Als het voertuig niet kan worden verplaatst en een significant obstakel veroorzaakt, moet u alle redelijke stappen ondernemen om tegemoetkomend verkeer te waarschuwen en ervoor te zorgen dat het zo snel mogelijk wordt verwijderd om een gevaar te voorkomen.